Jenaplan conferentie

"Bewegend leren in de stamgroep (en ook erbuiten!)"

INSCHRIJVEN >>

8 november 2019

Workshopleider(s)

Larissa Rand

Ik ben Larissa Rand en na 7 jaar als leerkracht en 8 jaar als directeur gewerkt te hebben op een jenaplanschool, werk ik nu bovenschools als medewerker Onderwijsontwikkeling & Innovatie.
 

Daarnaast heb ik mijn eigen onderwijsadviesbureau (Onderwijs In Beweging) en ben ik (natuur)fotograaf. 

Ik vind het belangrijk dat kinderen (en volwassenen) mogen zijn wie ze zijn, maar vind ook dat we een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben om kinderen een goede, brede basis mee te geven. Ze toe te rusten voor het leven. Hiermee doel ik zowel op kennis, als op alle vaardigheden die ze in het jenaplanonderwijs nog mee krijgen (denk aan spreken voor een groep, samenwerken, enz.) Dit geeft kinderen de kans zelf de keuzes te maken om te bereiken wat ze willen en te mogen zijn wie ze zijn.

Beschrijving inhoud

1. Waarom meer bewegen binnen het jenaplanonderwijs?
We zitten te veel en te lang. Vooral kinderen hebben daar last van en daarmee de leerkrachten dus ook. Door te bewegen vloeit er meer bloed (en dus zuurstof) naar de hersenen waardoor er meer verbindingen ontstaan tussen de hersencellen en ze beter werken. Gedrags- en concentratieproblemen worden minder als kinderen leren en bewegen tegelijk. 


Het jenaplanconcept leent zich uitstekend om deze natuurlijke behoefte van kinderen in te zeten als middel om de leerprestaties van de kinderen te verbeteren. Hiermee kom je meer tegemoet aan de behoefte van kinderen. Los van de positieve invloed op de sfeer binnen de groep en het feit dat bewegen gezond is, blijkt bewegend leren ook nog een positief effect op de leerresultaten te hebben. 
Uit een onderzoek naar bewegend leren in de klas door Marijke Mullender-Wijnsma et al. (Marijke Mullender-Wijnsma heeft promotieonderzoek gedaan naar het effect van fysiek actieve lessen in de klas op schoolvaardigheden van kinderen) zijn de volgende conclusies naar voren gekomen:
* Meteen na fysiek actieve reken- en taallessen zijn leerlingen meer gericht op hun taak. 
* In het klaslokaal kunnen (matig tot intensieve) bewegingen geïntegreerd worden in leertaken, bijvoorbeeld in reken- en taalopdrachten. Dit is goed uitvoerbaar.
* Fysiek actieve reken- en taallessen verbeteren de reken- en spelling- prestaties van leerlingen. Voor lezen zijn geen verschillen gevonden. 

2. Hoe zorg je voor meer beweging in de klas?
Veel mensen denken bij meer bewegen in het onderwijs aan meer gymles geven, of meer spelactiviteiten organiseren. Ik wil juist pleiten voor het inzetten van bewegen als middel om andere leerdoelen te bereiken.  
Hoe doe je dat dan? Je gaat dus geen extra bewegingstijd inplannen, maar voor de dingen die je toch al aanbiedt, maak je gebruik van beweging als vorm. Ook gebruik je soms fysiek andere ruimtes dan je klaslokaal. 

 

 

3. Wat gaan we doen?
Bewegend leren is een concept, waarbij bewegen als middel wordt ingezet om allerlei verschillende leerdoelen te bereiken. Hiermee wordt de betrokkenheid van kinderen vergroot, meer plezier ervaren tijdens het leren en dit alles leidt tot betere resultaten.
Om te ervaren wat Bewegend leren is en vooral ook te bedenken hoe je de opgedane ervaring kunt inzetten voor je eigen onderwijspraktijk, heb ik speciaal voor volwassenen deze workshop ontwikkeld. In deze workshop ervaar je zelf hoe plezierig het is om op een andere manier lesdoelen te bereiken en leer je hoe je dit zelf ook kunt toepassen in jouw lessen. Tijdens de workshop gaan we met o.a. taal- en rekendoelen aan de slag, maar ondertussen zal je merken dat ook sociale vaardigheden als samenwerken en het bedenken van strategieën aan bod zullen komen. 

 

INSCHRIJVEN >>